Advies Klimaatvisie

Klimaatvisie

Op 15 juli 2025 heeft de Wetenschappelijke Klimaatraad (WKR) het advies ‘Vaart maken met visie’ gepubliceerd. In het advies werkt de WKR uit hoe een toekomstvisie op een klimaatneutrale en klimaatbestendige samenleving bijdraagt aan consistent langetermijn-klimaatbeleid. De WKR constateert dat de klimaatdoelen uit zicht raken, het huidige klimaatbeleid te veel gericht is op de korte termijn en dat in de samenleving een luide roep om perspectief en houvast klinkt. Om dit te ondervangen zou de regering met een Klimaatvisie moeten komen, zo beargumenteert de WKR in het advies. 

Een Klimaatvisie als onderdeel van de klimaatbeleidscyclus

De WKR adviseert om een Klimaatvisie op te stellen die richting geeft aan het ontwerpen, uitvoeren en evalueren van het klimaatbeleid. Deze Klimaatvisie wordt idealiter opgesteld voorafgaand aan het Klimaatplan, dat elke 5 jaar wordt vastgesteld en het beleid voor de komende 10 jaar schetst. Het opstellen en herijken van deze Klimaatvisie wordt opgenomen in de klimaatbeleidscyclus. 

Om bij te dragen aan langetermijn-klimaatbeleid, moet deze Klimaatvisie voldoen aan drie criteria: 

  1. Langetermijn-tijdshorizon: een toekomstvisie schetst een beeld van de samenleving van minimaal 25 jaar vooruit, op basis van een doorkijk van tenminste 100 jaar vooruit, en maakt richtinggevende keuzes mogelijk in het hier en nu. 
  2. Samenhang: een toekomstvisie benut kansen en lost knelpunten op tussen mitigatie- en adaptatiedoelen en tussen klimaatdoelen en andere beleidsdoelen. 
  3. Invoelbaarheid: een toekomstvisie biedt duidelijkheid en maakt de voordelen en uitdagingen van een klimaatneutrale en klimaatbestendige samenleving invoelbaar. 

Bestaande visies kijken beperkt naar de toekomst

Voor dit advies onderzocht de WKR bestaande toekomstvisies. Naar voren kwam dat deze beperkt voldoen aan de bovenstaande criteria. Toekomstvisies van de overheid richten zich vooral op het behalen van de emissiereductiedoelen in 2030 en 2050. Weinig visies kijken voorbij 2050; voor de gevolgen van klimaatverandering en de aanpassing aan klimaatverandering is dat een beperkte tijdshorizon. Ook richten visies van de overheid zich vaak op een enkel beleidsdomein, zoals energie of industrie, zonder knelpunten met visies op andere beleidsdomeinen te beslechten. Hierdoor is onduidelijk hoe de verschillende visies in samenhang te bereiken zijn en worden geen keuzes gemaakt bij visies die niet met elkaar te verenigen zijn.  

Brede betrokkenheid is noodzakelijk

Voor het vormen van toekomstvisies is een open gesprek vanuit waarden noodzakelijk. Brede betrokkenheid van de samenleving én van de verschillende ministeries is hierbij een voorwaarde. Er is een waardegedreven gesprek nodig over wat we als samenleving willen. Zo kunnen we tot een breed gedragen beeld komen van wat gewenst is in de toekomst. Dit gesprek komt nu nog niet van de grond. Visies worden nog voornamelijk opgesteld door een relatief kleine groep betrokkenen, veelal experts. Bij het maken van sommige visies was er wel maatschappelijke betrokkenheid. Dit beperkte zich echter tot reflecteren op de ideeën van de overheid, met weinig ruimte om eigen ideeën in te brengen of te spreken vanuit waarden. Met name parlement en burgers zijn tot nu toe beperkt betrokken bij visievorming, terwijl juist zij essentieel zijn om een waardegedreven gesprek over de toekomst te voeren.  

Doorwerking in beleid

Tot slot zijn betere waarborgen nodig voor de doorwerking van toekomstvisies in beleid. Om bij te dragen aan consistent langetermijn-klimaatbeleid moet een toekomstvisie doorwerken in alle fases van de beleidscyclus. Veel bestaande visies zijn geen onderdeel van een beleidscyclus, maar zijn eenmalig opgesteld zonder duidelijk plan voor opvolging. Hierdoor is doorwerking in beleid op de lange termijn niet geborgd. Enkele visies zijn wél wettelijk geborgd, wat hun doorwerking in beleid versterkt, zoals bijvoorbeeld de Omgevingsvisie. 

Aanbevelingen

De Raad doet de volgende vijf aanbevelingen om te komen tot een Klimaatvisie die bijdraagt aan langetermijn-klimaatbeleid en die wordt vastgelegd in de klimaatbeleidcyclus: 

  1. Geef de minister die verantwoordelijk is voor klimaatbeleid een coördinerende rol bij het opstellen en herijken van de Klimaatvisie;
  2. Richt een parlementaire commissie voor de toekomst op, die de Klimaatvisie bevraagt en waakt over de samenhang met toekomstvisies op andere beleidsvraagstukken;
  3. Stel een interdepartementale werkgroep onder verantwoordelijkheid van de ambtelijke top aan, die zorgt voor het opstellen van de Klimaatvisie en de afstemming met andere departementen en bestuurlijke niveaus;
  4. betrek burgers betrekken bij het opstellen van de Klimaatvisie, om aan te sluiten bij wat leeft in de samenleving, recht te doen aan diversiteit en bij te dragen aan een breed draagvlak;
  5. Zorg voor de doorwerking van de Klimaatvisie in de ontwerp-, uitvoerings- en evaluatiefase van klimaatbeleid en ander beleid dat hiermee samenhangt. 

In de media

Enkele berichten in de media naar aanleiding van het advies: 

Betrokken raads- en stafleden

Samenstelling commissie:

Samenstelling projectteam: