Advies Klimaatplan 2025-2035

Op 15 december 2023 heeft de Wetenschappelijke Klimaatraad (WKR) diens eerste advies aangeboden aan demissionair minister voor Klimaat en Energie Rob Jetten. Met het advies geeft de WKR invulling aan de adviesaanvraag van de Minister voor Klimaat en Energie voor het Klimaatplan, dat najaar 2024 naar het parlement zal worden gestuurd. Op 17 maart 2023 heeft de Wetenschappelijke Klimaatraad de adviesaanvraag van het kabinet ontvangen. 

Advies ‘Met iedereen de transities in’

Nederland is een laaggelegen, waterrijk land, dat kwetsbaar is voor klimaatverandering. De gevolgen daarvan voelen we overal: droogte op landbouwgronden, wateroverlast in regio en randstad en hitte in stedelijke gebieden. Ons land heeft er dan ook veel bij te winnen om stevig klimaatbeleid te voeren en zelf regie te voeren op hoe we willen dat Nederland er in de toekomst uitziet. De raad pleit in het advies ‘Met iedereen de transities in’ voor een visie op een klimaatneutraal Nederland, versnelling van het klimaatbeleid richting 2040 en het verbreden van de klimaataanpak naar een systeemaanpak. Klimaatrechtvaardigheid is daarbij volgens de raad, naast doelmatigheid en doeltreffendheid, een belangrijke leidraad.

Een aantrekkelijk toekomstbeeld

De WKR adviseert de regering om in het Klimaatplan een breed en gezamenlijk toekomstbeeld op een klimaatneutraal en klimaatbestendig Nederland centraal te stellen. Mensen maken zich zorgen over klimaatverandering, maar ook over energieprijzen, gezondheid en goede zorg, de kosten van de boodschappen, de natuur of de leefbaarheid van hun buurt. Vanuit dit beeld kunnen keuzes worden gemaakt in het hier en nu en prioriteiten worden gesteld. De Raad is van mening dat met name op de terreinen voedsel, energie en circulaire economie keuzes kunnen gemaakt waarmee het klimaatbeleid versterkt kan worden. 

Versnellen richting 2040 creëert ruimte voor 2050

De overheid neemt wat de WKR betreft het voortouw om te zorgen dat we in 2040 het grootste deel van de uitstoot van broeikasgassen hebben gereduceerd. Zo is Nederland beter voorbereid op mogelijke tegenvallers en is er meer ruimte voor de moeilijkst te reduceren uitstoot tussen 2040 en 2050. Deze versnelling kan worden bereikt door transities op het gebied van voedsel, circulaire economie en energie aangezien daar de grootste uitstoot van broeikasgassen plaatsvindt. De precieze uitdaging is voor elke transitie anders, maar goede bestuurlijke samenwerking, een goede mix van beleidsinstrumenten en het stimuleren van duurzamer gedrag zijn volgens de Raad terugkerende succesfactoren.

De transitie rechtvaardig en van iedereen maken

Klimaatneutraal betekent dat er geen uitstoot van broeikasgassen plaatsvindt. Dat vraagt dus iets van iedereen. Daarom zijn rechtvaardigheid, oog voor bestaanszekerheid, en brede betrokkenheid van groot belang, ook van burgers en bedrijven die nu nog moeite hebben mee te doen.