Om in 2050 volledig circulair te zijn - een ambitie waar het kabinet serieus werk van wil maken - is een bredere kijk op het beleid voor een circulaire economie nodig. De Wetenschappelijke Klimaatraad (WKR) adviseert om het beleid voor een circulaire economie te beginnen met de vraag: hoe kunnen we voorzien in maatschappelijke behoeftes met minder of duurzamere materialen? In het advies ‘Circulair versterkt’ werkt de WKR deze aanpak uit voor productgroepen die veel broeikasgassen uitstoten: auto's, woningen, kleding en plastic verpakkingen. Deze aanpak kan Nederland veel opleveren: het draagt bij aan het verminderen van de Nederlandse klimaatimpact en het halen van de klimaatdoelen. Ook helpt het om Nederland economisch onafhankelijker te maken.
Beeld: © WKR / Henk Braam
Steviger beleid nodig om tij te keren
Het huidige beleid voor het halen van circulaire doelen is ontoereikend. Materiaalgebruik neemt niet af. het zorgt voor veel uitstoot van broeikasgassen. Het meeste beleid is gebaseerd op vrijwilligheid en gericht op recycling en afvalvermindering in plaats van het voorkomen van gebruik. De vraag naar en het gebruik van materialen drukken zwaar op de economie en de samenleving: het is vervuilend en maakt ons afhankelijk van het buitenland. Het gebruik van materialen zorgt voor bijna 40% van de Nederlandse klimaatimpact wereldwijd. Om deze trend te keren is steviger circulaire-economiebeleid nodig.
Productiegericht en functiegericht beleid
De WKR adviseert een samenhangende inzet van functiegericht (behoeften en functies invullen met andere of minder producten) en productiegericht beleid (producten maken met andere of minder materialen) voor alle producten die voor veel klimaatimpact zorgen. Een gestructureerde aanpak met afrekenbare doelen, beleidsinstrumenten en financiële middelen is noodzakelijk. Een voorbeeld is minder materialen gebruiken voor auto’s. Dit vraagt niet alleen het produceren van lichtere auto’s met duurzame materialen (productiegericht beleid), bijvoorbeeld door de CO2-uitstoot die ontstaat bij de productie te belasten. Het gaat ook over beleid dat ervoor zorgt dat mensen hun bestemming zonder auto kunnen bereiken (functiegericht beleid). Oftewel, zorgen dat mensen makkelijk en goedkoop het openbaar vervoer kunnen nemen, de fiets pakken en deelvervoer gebruiken. In het advies zijn ook voorbeelden uitgewerkt voor woningen, kleding en plastic verpakkingen.
"Een bredere en stevigere aanpak van circulaire economiebeleid is nodig voor een klimaatneutrale samenleving. Een prettige en leefbare plek voor onszelf, onze kinderen en kleinkinderen. Dit levert Nederland ook veel op: het halen van de klimaatdoelen in 2050 komt dichterbij en maakt de Nederlandse economie meer innovatief, onafhankelijk en weerbaar." - Kornelis Blok (Commissievoorzitter)
Integrale opgave
De maatregelen die de WKR voorstelt moeten ervoor zorgen dat circulaire activiteiten worden opgeschaald. Maar er is meer nodig om dit te laten slagen. Materialen lopen dwars door de sectoren heen en het is een grote opgave om een circulaire economie te creëren. Dit betekent onder andere meer financiële middelen en ervoor zorgen dat ook andere ministeries verantwoordelijkheden krijgen voor het grondstoffengebruik. Ook is het belangrijk om circulaire ondernemers betere toegang tot financiering te geven. Tenslotte moet de overheid ervoor zorgen dat iedereen toegang heeft tot duurzame producten.
Waarom dit advies?
Met het circulaire-economiebeleid zet de overheid in op minder gebruik van materialen, afvalvermindering en het gebruik van andere, duurzamere grondstoffen: meer biomassa en gerecyclede grondstoffen. Dit advies over circulaire economiebeleid is een gevraagd advies van de verantwoordelijke minister. Met het advies wil de WKR bijdragen aan het versterken van het circulaire-economiebeleid en het verminderen van de klimaatimpact van het materiaalgebruik.